Hoeveel bewegen is genoeg bewegen?
Volgens de beweegrichtlijnen van de gezondheidsraad zouden volwassenen wekelijks minimaal 150 minuten aan matig intensieve beweging moeten doen om onder andere het risico op hart- en vaatziekten te verlagen. Toch kan je hierbij nog de vraag stellen: zijn die 150 minuten per week ook optimaal?
Recent onderzoek probeerde die vraag te beantwoorden. In een cohortstudie werd versnellingsmeter data gebruikt om de hoeveelheid matig intensieve beweging van mensen te schatten. De onderzoekers hebben dit vervolgens vergeleken met de incidentie van hart- en vaatziekten.
De onderzoekers vonden dat het halen van de 150 minuten matig intensieve beweging per week werd geassocieerd met een 8-9% verlaging van het risico op hart- en vaatziekten. Daarnaast vonden de onderzoekers dat 560–610 minuten matig intensieve beweging per week werd geassocieerd met een verlaging van het risico op hart- en vaatziekten van zelfs 30%.
Dit onderzoek laat dus zien dat de huidige richtlijnen al gepaard gaan met een lager risico op hart- en vaatziekten, maar dat je voor een optimale bescherming tegen hart- en vaatziekten misschien nog veel meer zou moeten bewegen.
Het hele artikel is open access en hier te vinden.
Omslagafbeelding: Adobe stock